Stefanie Jansen
29 augustus, 2016

dingen die heel anders gaan met kinderen

Nu ik twee kinderen heb, realiseer ik me pas dat sommige dingen heel snel en zonder gedoe gingen toen ik nog geen kinderen had. Gewoon, alledaagse dingen. Dingen die zo vanzelfsprekend makkelijk waren in het tijdperk before the kids. Zomaar een greep uit dingen die heel anders gaan:


4 augustus, 2016

Lazise

Als er een land is waar ik heel graag naartoe ga, is het wel Italië. Tien jaar geleden was mijn eerste kennismaking met La dolce vita in dit prachtige land. De bestemming was het Gardameer. Met een tjokvolle Toyota Corolla legden we 1100 kilometer af in de hitte – zonder airco. Onze eerste vakantie samen, kamperen in een klein tentje. Toen de regen met bakken uit de lucht kwam die eerste nacht, schoot er toch wel even door mij heen waar we in hemelsnaam aan begonnen waren. Het moest zo prachtig zijn. Ik kon alleen maar denken aan het water dat door onze tent stroomde, met als gevolg natte voeten en hoofdkussens. Tja, het was dan ook niet zo slim om je tent op een helling te zetten en geen rekening te houden met eventuele neerslag. Dat was meteen een wijze les. Die niet zo gelukkige start werd overigens ruimschoots goedgemaakt en bij de volgende beperkte buien bleven onze voeten in ieder geval droog.


24 juli, 2016

Thorbeckegracht Zwolle

In 2012 schreef ik een blog over hotspots in Zwolle. Inmiddels zijn we ruim vier jaar verder en is Zwolle veel nieuwe leuke plekken rijker. Als ik zelf een stad ga bezoeken, struin ik altijd even het web af voor tips over leuke winkels, koffietentjes of restaurants. Daarom deel ik hierbij mijn favoriete hotspots.


12 juni, 2016

hmz16The day after. Ondanks dat ik als een soort Pinokkio de trap af loop, zit ik verder alleen maar met een grote glimlach na te genieten van de halve marathon. Wauw, wat was het geweldig om na vijf jaar weer aan de start te staan van het grootste hardloopfestijn in mijn eigen stad. Bands, DJ’s, fanfares in combinatie en duizenden toeschouwers langs het parcours maken deze wedstrijd een feest om te lopen. Het is zo leuk om van alle kanten je naam te horen. Euforie, trots, strijd en afzien. Je komt jezelf tegen tijdens zo’n afstand en de emoties wisselen elkaar af. Terug naar gisteren voor een verslag van de halve marathon van Zwolle. Bereid je voor: het is een enorm lang verhaal.

Voorbereiding
Na een goede, maar korte nacht (vroege vogels in huis), ben ik al voor zessen wakker. This is the day! Zolang naar uitgekeken en dan is het eindelijk zover. De spanning is aanwezig. En dan nog de hele dag wachten, want de start is pas om 20.15 uur. Die dag duurt dan best lang, kan ik je vertellen. Ik heb de uren weggekeken. Verder wel gewoon de zaterdagse dingen gedaan, maar liever start ik toch wat eerder op de dag. De hele week heb ik al liters water gedronken om het vocht in mijn lichaam op peil te hebben en proberen kramp tijdens de wedstrijd te voorkomen. Mijn ontbijt  uit een enorme bak havermout die ik met moeite wegkreeg, waarschijnlijk door de zenuwen. ’s Middags eet ik verspreid 6 pannenkoeken, waarvan 3 uur voor de start de laatste met tot slot een groot glas bietensap.

19.00 uur
Eindelijk, ik heb mijn racetenue aan en mag de deur uit. Met een tas warme kleding voor na de finish spring ik op mijn fiets richting Odeon, waar we met de loopgroep hebben afgesproken. Dat kan mooi nog voordat de 4 mijl start. Verkeerd gedacht. De start was al om 19.15 uur in plaats va 19.30 uur en ik liep overal tegen hekken aan in het centrum. Vanaf mijn huis richting de stad moet ik namelijk ergens het parcours oversteken om in de stad te komen. 19.30 uur bij Odeon ga ik niet meer redden. Hup, de fiets bij de Belgische keizer geparkeerd en lopen richting Odeon. Ik kom nog wat groepsgenoten tegen en samen dribbelen we rechtstreeks richting het station op een dribbeltempo. Zo, warm heb ik het in ieder geval wel. Bij de start aangekomen lever ik mijn tas in, eet mijn banaan en skip de megarijen bij de dixies en zoek een ander plekje op om mijn blaas te legen. Waar ik overigens niet de enige ben. (Een tip voor de bedrijven in het startgebied: een rondje veegwagen is geen overbodige luxe ;-)

Start
Tijd om nu echt in te lopen is er ook niet meer, het is al 20 uur. Ik vind een aantal groepsgenoten terug en we proppen ons achterin het startvak van de tijd die we verwachten te lopen. De zenuwen zijn allang weg en hebben plaatsgemaakt voor enthousiasme. We gaan beginnen! Pang! Het damesveld vertrekt ruim 7 minuten eerder, om de strijd tegen de mannen te vergroten. Na 7 minuten is het ook onze beurt. Althans, daarna nog ruim 5 minuten voordat we kunnen lopen. Als we de piepende startmatten passeren druk ik mijn Garmin aan. Let the game begin!

1-5 kilometer
Ik let erg op mijn tijd om niet te hard te starten. Dat is best moeilijk met iedereen om je heen die stuitert van energie. Wat veel mensen! We lopen de busbaan in, ik krijg kippenvel en een brok in mijn keel. Ik vind dit zo gaaf! Na vijf jaar doe ik weer mee. Ik geniet. Wel merk ik meteen de warmte en probeer steeds goed op mijn tempo te letten. Zodra we de stad binnenlopen staan mijn ouders langs de kant voor de eerste persoonlijke support (waarna er nog vele volgen). Het is heel erg druk op het parcours, vooral langs de Melkmarkt. Inhalen is dan ook onmogelijk. Mijn tempo loopt wat terug. Als we eenmaal voorbij de brug de binnenstad uit lopen, krijg ik iets meer ruimte en is er een klein windje. Ik zie dat ik steeds rond de 10.9 en 11.1 kilometer per uur loop. Prima voor het begin. de sponzen die uitgedeeld worden, pak ik gretig aan. Het is zo warm. Ik dep mijn gezicht wat voor wat verkoeling.

5-10 kilometer
Wanneer ik het 5 kilometerpunt passeer, zie ik dat ik daar ruim 27 minuten over heb gedaan. Ik hou dit tempo vast. We draaien de Wipstrikkerallee op. Het gaat best lekker. Vlak voordat ik de Hortensiabrug oploop, staat Martin langs de kant met meer familie. Dat geeft een boost. Toch blijft het niet mijn favoriet, de ‘berg’ op, want zo voelt het. Overal staat veel publiek, dat is zo geweldig. Van alle kanten hoor ik mijn naam en staan er vrienden, familie of bekenden. Je loopt er ook naartoe, je weet ‘hier staat die en die’. Op 53:34 kom ik bij het 10 kilometerpunt.

10 -15 kilometer
Eindelijk kom ik in een lekker ritme. Ik hou al sinds de start mijn groepsgenoot in het vizier. Dan lopen we samen, hij weer voor en dan ik. Ik ben halverwege het tweede rondje. Dat is overigens wel een dingetje, die drie rondes. Als je de eerste ronde gehad hebt moet je er nog 2. In mijn hoofd tel ik het ook echt zo af. Eindeloos lijkt het.. Ik kijk uit naar elk punt waar een bekende van mij staat aan te moedigen. Ondertussen word ik allang ingehaald door alle snelle lopers. Ik kijk op mijn horloge: 1.15 uur, 14 kilometer. Mijn zwager zou mij nog best eens kunnen inhalen. En ja hoor, zodra ik bijna bij mijn ouders langskom haalt hij me in. Ik schreeuw de longen uit mijn lijf om hem aan te moedigen tot aan de finish (wat hij achteraf uiteraard niet heeft gehoord, haha). Hij is er gewoon al bijna. Ik roep mijn ouders want die zijn natuurlijk in de ban van die enorme snelheid. En daar loop ik weer de binnenstad in. Dat is gaaf, ik ga ineens stukken harder, zelf op die hobbelige klinkers. Alsof ik door het publiek word gedragen. Een grote schreeuwende menigte.

15-20 kilometer
Eenmaal de binnenstad door pak ik weer mijn ritme terug. Ik loop stug door en probeer iets van een versnelling in te zetten, al is het minimaal. Het enthousiaste zwaaien en lachen naar bekenden is al afgezwakt naar een vingertje en een glimlach. Ik zet mijn ‘raceface’ op. Blik op oneindig, letten op mijn arminzet en gaan (die raceface blijkt achteraf op foto’s overigens bijzonder angstaanjagend te zijn). Bij het 18 kilometerpunt loop ik op de Wipstrikkerallee tussen een aantal mannen die blijkbaar nog voldoende energie hebben. Volgens hen is het publiek wat ingedommeld en heeft het een opkikker nodig. Met een keiharde ‘Heeeeeeeuj Heeeeuj’ met bijbehorende opzwepende gebaren weten ze het enthousiasme van het publiek meteen aan te wakkeren. Oorverdovend en ook voor mij een mooie oppepper. Ik zie vriendlief staan en met een klein duimpje geef ik aan dat het goed gaat. Nu die verrekte Hortensiabrug op. Ik zak enorm in tempo terug en mijn bovenbenen branden. Au. Maar ik wandel niet. Ik zie op mijn Garmin 1:40. Ik moet echt een tandje erbij als ik die 1:55 nog wil halen. De laatste kilometers. Zodra de afdaling begint probeer ik te versnellen. Veel sneller zit er echter niet meer in. Die Wethouder Alferinkweg is ook een enorm lange weg. De laatste drinkpost laat ik aan me voorbij gaan. Hup, doorlopen.

20-21,1 kilometer
Nog maar 1 kilometer! Doorlopen Steef. Wat een ** eind. Wat heb ik respect voor hele marathonlopers. Ik loop onder het podium van de DJ door vlak voor Kerkbrugje die keiharde muziek draait. Letterlijk en figuurlijk. Ik krijg de rillingen. Kippenvel. Ik passeer mijn ouders voor de laatste keer. Kerkbrugje over, wat als een hele heuvel voelt. En de stad weer in. Ik versnel. Mijn Garmin geeft al 1:54 aan. Als ik die 1:55 uur wil lopen moet ik een flinke eindsprint maken. Dat wordt hem niet. Ik ‘vlieg’ de laatste honderd meters. De finish in zicht! Ik zag al dat mijn horloge op 1:55 stond, en de energie ontbrak dus ik kon er geen eindsprint meer uitpersen. I made it! Meer blij dat ik ein-de-lijk binnen ben in plaats van een euforisch gevoel. Ik zet mijn horloge uit en zie 1:56 staan. Sowieso een PR.

Knipsel

Volgende doelen
Bij de officiële uitslagen blijkt mijn uiteindelijke tijd 1:56:03 te zijn. Hardlopers zullen zich hier vast in herkennen, maar wat kun je van 4 seconden balen. Had ik toch nog maar net wat harder die eindsprint ingezet. Al met al toch mooi constant en 1:20 van mijn tijd afgelopen. The day after heerst de blijheid van het meedoen aan zo’n gaaf evenement en de energie die je ervan krijgt. Dan neem ik die Pinokkio-stijl voor lief. Ik heb die halve marathon toch maar mooi gelopen. Inmiddels heb ik me weer ingeschreven voor een aantal wedstrijden van 10 kilometer of korter. Daar ga ik voor. En ik ben van plan in oktober mee te doen aan de halve marathon van Meppel. Eén grote ronde en minder massaal. En niet geheel onbelangrijk: hopelijk wat minder warm. Erg benieuwd hoe dat mij zal vergaan. Zowel de wedstrijd zelf als het zonder groep-met-hetzelfde-doel trainen ervoor.

Eén ding is zeker: meedoen aan zo’n wedstrijd geeft zoveel energie en smaakt naar meer. Op naar hopelijk nieuwe PR’s!

IMG_8903


6 juni, 2016

Duurloop zonsondergang

Nog 5 dagen! Dan sta ik al aan de start van de halve marathon. Het startnummer is binnen en ik ben aan het aftellen. Over een week heb ik ‘m al gelopen en zit ik vast met enorme spierpijn op de bank. Maar laten we niet op de zaken vooruit lopen. Eerst nog die 21,1 kilometer volbrengen. De afgelopen maanden heb ik hard getraind.

3 keer per week trainen: check. Bijna elke week lukte het me om 3 keer de hardloopschoenen aan te trekken voor een lange duurloop, intervaltraining en tempoloop.  Het was soms wat passen en meten met een volle agenda. Toch kostte het mij geen enkele moeite om op vrijdagavond de hardloopschoenen aan te trekken. Juist omdat de momenten dat ik kan lopen spaarzaam zijn, maak ik er gebruik van. Wat dat betreft wordt dit een halve marathon waarvoor ik –voor mijn doen- goed getraind ben.

Lopen in allerlei weersomstandigheden: check. De afgelopen maanden was het op z’n zachtst gezegd wisselvallig. Regen, wind, hagel en hitte. Liep ik de dag voor Koningsdag 15km in barre omstandigheden met 2 lagen kleding met lange mouwen, ruim een week later zweette ik me een ongeluk tijdens een duurloop van 20km met tropische temperaturen. Beide omstandigheden liever niet op 11 juni, graadje of 18 is wat mij betreft warm genoeg.

Lange duurlopen: check. De langere afstanden heb ik gelopen. Vorige week zondag de laatste duurloop van ruim 19 kilometer in de omgeving van Dalfsen. Het was warm en benauwd, het viel niet mee. Twee weken geleden nog de Stationloop  van Ommen naar Dalfsen met een flinke versnelling de laatste kilometers.

Duurloop

Parcoursverkenning: check. Ik heb de halve van Zwolle al drie keer gelopen, dus ik ken de route op mijn duimpje, maar toch heb ik gisteren een rondje parcours gelopen. Het was best vroeg, en ook bést warm (lees: bloedheet). Uiteraard hield ik het bij één rondje in plaats van drie.

Voorbereiding
Deze week doe ik het rustig aan. Veel water drinken. Alcohol laat ik staan en ik ga bietensap drinken. Bietensap schijnt de prestaties te kunnen verbeteren. Het proberen waard. Gezonde spanning is al aanwezig, maar het verheugen op de wedstrijd voert de boventoon. Ik heb er zin in! Het lopen door mijn eigen stad met veel muziek, publiek en bekenden langs het parcours is al een feestje op zich. Afgezonderd van die Hortensiabrug. En de temperatuur. Da’s ook een ‘klein’ dingetje. Ik hou van een zonnetje, maar ben geen tropische-hitte-loper. Het lijkt zaterdag íets minder warm te worden, maar nog ruim boven de 20 graden. En in de stad blijft de warmte lang hangen.

Streven
Natuurlijk komt het strebertje in mij naar boven. Vooral nu ik -voor mijn doen- best goed getraind ben moet een PR er toch wel in zitten. Dat betekent sneller dan 1.57.24. Mijn streven is tussen de 1.50 en 1.55. Onder de 1.50 zou een droomscenario zijn, maar de kans op een teleurstelling is dan te groot. Dat wordt een doel bij een halve marathon met een wat ‘sneller’ parcours later dit jaar. Zonder zomerse temperaturen.

startnummer

Wish me luck!

 

 

 

 


26 mei, 2016

stationloopDit jaar was ik één van de 1500 gelukkigen die een startbewijs heeft weten te bemachtigen voor de populaire Stationloop. Voor de tweede keer stond ik aan de start van de wedstrijd: 10 mijl van station Ommen naar Station Dalfsen. Met een route door het prachtige Vechtdallandschap. Gisteren was het zover. Samen met my brother in law a.k.a. Speedy Gonzales vertrok ik naar station Dalfsen. Het station vol felgekleurde sportievelingen en een invasie hardlopers in de trein, een mooi gezicht.